Koen Metsu ontmoet korpschef van de NYPD, Ray Kelly

Door Koen Metsu op 10 juni 2016

Omdat er tussen VS na 9/11 en de aanslagen in ons land en West-Europa heel met wat parallellen te vinden zijn, trok Koen Metsu met 2 andere politici naar de VS om hun aanpak en de strijd tegen terrorisme te bestuderen. Koen Metsu had tijdens zijn verblijf aan de VS onder meer een bijzonder boeiende ontmoeting met Ray Kelly. Hij is de man die het New Yorkse politiekorps tijdens en na 9/11 leidde. Een hele uitdaging die hij met glans bleek te vervullen. De werking van het politiekorps zou na 9/11 nooit meer hetzelfde zijn.

Na 9/11 besliste de toenmalige burgemeester van New York, Michael Bloomberg, om een aantal substantiële en symbolische daden te stellen om NY er bovenop te helpen. Zowel een broken window approach, waarbij het uitzicht van de stad een gevoel van veiligheid moest creëren, en een “stop and frisk” aanpak, waarbij elke jaar meer dan 700.000 mensen gestopt en gefouilleerd werden. Het blauw werd gedropt op strategische plaatsen en verplaatste zich de ganse dag.

Met al deze maatregelen werd een zichtbare zero-tolerantie mentaliteit kenbaar. Het leek dan ook alsof het korps gigantisch was uitgebreid. Het tegenovergestelde was echter waar. Het korps ging van 41.000 agenten voor 9/11 naar 35.000 agenten post 9/11. Het politiedepartement presteerde met minder manschappen beter en efficiënter. De misdaadcijfers daalden maar liefst met 40% onder het bewind van Ray Kelly. Onder hem wijzigde de korpscultuur drastisch.

Kelly ging nog een stap verder en voegde aan de ervaring van de agenten ook nog een extra portie expertise toe. Deze expertise kwam vanuit de CIA en het US Marine Corps. In de meest liberale stad van de States bleek dit niet altijd even evident.

Men sprak onder zijn bewind voor de allereerste keer over een “counter-terroism capaciteit”.

Kelly creëerde dus een gespecialiseerde bovenlaag binnen zijn korps met behulp van externe agentschappen. Daarnaast besloot hij ook om de diversiteit binnen het korps verder te optimaliseren. De NYPD bestaat nu uit agenten die geboren zijn in 106 verschillende landen. Op korte tijd had men ook 700 erkende linguïsten in de rangen. Daarnaast beschikte het korps ook over een 60-tal ‘Civilian Analysts’. Allemaal zouden ze een belangrijke rol gaan vervullen in het vernieuwde NYPD-programma. Men stampte op korte termijn ook een heuse intelligentie-service uit de grond. Daarin moest onderzoekers en analisten met elkaar leren samenwerken.

Niet enkel binnen de grenzen van het NYPD departement zette men gespecialiseerde medewerkers in. Ook overzee wou Kelly de informatiedoorstroming bevorderen. Dat deze strategie werkte, bewees men op 7 juli 2005: minuten na de London Bombings werd Kelly volledig gebreid door zijn contact in de UK. Blair bleek de eerste uren minder goed op de hoogte dan de korpschef van NY.

Om door te dringen en te weten te komen wat er zich binnen de mogelijke doelgroepen afspeelde, kwam met tot het ingenieuze idee om strikt-opgeleide en bijzonder adequaat geselecteerde informanten in te zetten. Zo zocht men bijvoorbeeld binnen de pool van 30.000 taxichauffeurs enkele witte raven. Ook richtte Kelly z’n pijlen op ongehuwde jongeren die eerst zelf enige tijd gevolgd werden alvorens ze aangespoord werden om een intense 6-maanden-durende opleiding te volgen in de politieschool. Ze werden persoon per persoon getraind. Zelfs vrienden en familie wisten niets af van de dubbele rol die deze informanten vervulden. Op die manier wisten 20-jarige jongeren met buitenlandse roots te integreren in diverse gemeenschappen. Deze aanpak was nieuw en bijzonder interessant. De wet stelde namelijk dat infiltranten door de FBI opgeleid moesten worden en dat ze minimum 35 jaar moesten zijn. 35-jarige infiltranten zouden echter geen kans maakten bij de groepen jongeren die radicaliseerden.

Er zijn dus 5 groepen te onderscheiden binnen het korps van de NYPD: de gespecialiseerde bovenlaag, het diverse korps, de analisten, collega’s die in het buitenland strategisch verspreid waren en de informanten die voor extra ogen en oren in de straat zorgden. Een zeer waardevolle Human Intelligence dus. Daarnaast waren er ook investeringen in technologie aan de orde. Palentir werd daarin een belangrijk partner en creëerde een platform voor de uitwisseling van data en technologie.

Ray Kelly vervulde een sleutelrol in de nieuwe werking van de NYPD post 9/11. Hij was omnipresent. Hij was steeds bereikbaar voor zijn eigen staff en tevens was hij ook bijzonder zichtbaar op straat en aanwezig binnen alle gemeenschappen.

 

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is