Aantal vertrekkende Syriëstrijders stijgt niet meer

Door Koen Metsu op 28 september 2016, over deze onderwerpen: Schriftelijke vragen

Het aantal geradicaliseerden dat vertrekt naar Syrië is de laatste tien maanden niet meer gestegen. Hetzelfde geldt voor het aantal terugkerende Syriëstrijders. Dit blijkt uit een schriftelijke vraag van N-VA-Kamerlid Koen Metsu aan minister van Veiligheid en Binnenlandse Zaken Jan Jambon.

Voor de stagnering van het aantal vertrekkers zijn er een aantal duidelijke redenen.

“Er zijn steeds strengere grenscontroles, waardoor de reis van en naar Syrië minder eenvoudig verloopt”, legt Metsu uit. “Dan gaat het zowel over grenscontroles in eigen land als in buurlanden, in transitlanden en aan de Turkse grens.”

Daarnaast is er een beter uitwisseling van informatie en betere internationale seining.

Ook wordt er de laatste maanden beter gewerkt op het preventief opvolgen van personen die ervan verdacht worden dat ze willen vertrekken. Bovendien worden reservoirs aan extremisten die effectief willen vertrekken opgedroogd.

“Deze redenen betekenen helaas niet dat de plannen van IS volledig teruggedrongen zijn”, zegt Metsu. “IS vraagt aanhangers niet langer om naar Syrië te komen, maar wel om ter plaatse actie te ondernemen.”

De stagnering van het aantal terugkeerders is dan weer te verklaren door een ander aspect. Islamitische Staat controleert haar leden streng. Terugkeerders worden aanzien als verraders. “Heel wat geruchten doen de ronde dat kandidaat-vertrekkers bij IS streng gestraft worden. In sommige gevallen zelfs met de doodstraf”, aldus Metsu.

Zij die wel terugkeren zijn op te delen in twee groepen. Zij die terugkeren in clandestiniteit, met alle gevolgen van dien. En daarnaast, zij die door IS worden teruggestuurd met een duidelijke opdracht op zak, zoals aangetoond bij de aanslagen van Parijs en Brussel.

 

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is